Christelijke symbolen toegelicht door Gryt-Anne Piebenga
BLAUW Het is oktober en dus tijd voor een symbool van Maria. In oktober is er immers, evenals in mei, speciale aandacht voor de moeder van Jezus en wordt er vaker een Weesgegroet gebeden. Ook wordt er vaker een kaarsje opgestoken bij een beeld van Maria en om haar voorspraak gevraagd. Die beelden tonen Maria gewoonlijk met een (licht)blauwe mantel of tailleband, want blauw, symbool voor zuiverheid en onschuld hoort bij haar. Het is weliswaar niet de enige kleur (ook wit en purper zijn kenmerkend voor Maria), maar blauw is wel heel geliefd. Dat komt voor een deel door het lichtblauw van het Maria-van-Lourdes-beeld (zie foto), dat veel mensen kennen en waarvan velen ook een kopie of afbeelding in huis hebben.
CHRISTUSMONOGRAM: de samenvoeging van de Griekse tekens X (=Ch) en
P (=R) tot één letterteken of monogram is een van de oudste symbolen voor Christus.
Omdat dit samengevoegde teken ook naar andere namen verwees, kon het in de tijd
van de vervolgingen zonder direct gevaar worden gebruikt en vinden we er voorbeelden
van op grafstenen en muren van catacomben. Later kwam het monogram op allerlei
liturgische voorwerpen te staan, soms in combinatie met de alfa en omega of
andere symbolen, soms - zoals op de hierbij afgebeelde bisschopsmijter - zonder verdere
toevoegingen. Ook in onze tijd is het teken geliefd, misschien wel omdat het op zo
eenvoudige wijze het geloof in Jezus, de xristos ( = ´gezalfde´ ), uitdrukt.
Christusmonogram´Het christusmonogram, hebben we dat al niet eerder gehad?´ zo zal de lezer, die de Christelijke symbolen toegelicht een beetje trouw volgt, zich misschien afvragen. En ja, dat is juist: Als u naar de achterliggende pagina klikt, vindt u daar een afbeelding van een mijter met daarop de ineengestrengelde XP (=Chr) en met een uitleg ernaast. Toch wilde ik u het bijgaande plaatje van een tasje, waarin een pyxis (doosje voor hosties) kan worden bewaard, niet onthouden. Het is al te mooi en bovendien laat het opnieuw zien dat het christusmonogram, dat al vele eeuwen oud is, als symbool voor Jezus, de Christus (= ´gezalfde´ ), volop leeft.
DUIF-MET-OLIJFTAK: Vrede en verzoening: dat is waar de duif-met-olijftak
naar verwijst. Die verwijzing gaat terug op het zondvloedverhaal. God zag dat de
boosheid van de mensen steeds maar toenam, zo vertelt de schrijver van het
bijbelboek Genesis[hoofdstuk 6], en liet het regenen, veertig dagen lang.
De dalen stroomden vol, de bergtoppen verdwenen onder het wateroppervlak en
al wat leefde ging dood. Alleen Noach en zijn familie overleefden de ramp in hun
boot: ´de Ark van Noach´. Toen het ophield met regenen, wachtte Noach
een week en daarna stuurde hij er een duif op uit. Deze kwam tegen de avond terug,
met in zijn snavel een olijftakje, teken dat er weer leven was op aarde en dat
God zich verzoend had met de mensen.
ICHTHUS: ´de geloofsbelijdenis in één pennestreek´, zo zou je de vis-figuur (ichthus is het Griekse woord voor ´vis´) kunnen noemen. Het woord bevat de eerste letters van de Griekse woorden voor ´Jezus Christus, zoon van God, Verlosser´. Door christenen van de eerste eeuwen werd het gebruikt als herkenningsteken: wie de vorm van een vis in het zand tekende, gaf daarmee aan christen te zijn. Ook in onze tijd is het een geliefd symbool: zo zijn er verenigingen die de naam ´Ichthus´ dragen en zie je auto´s met een ichthus-vorm op de achterruit.
IHS is een lettercombinatie, die nogal eens staat afgebeeld op liturgische voorwerpen en gewaden. Soms in de vorm van gewone hoofdletters, soms ook met een kruis in de H verwerkt. Die H is afkomstig uit het Griekse alfabet en staat daar voor een E. IHS is dus eigenlijk IES en dat is een, in vroeg-christelijke tijd (toen bijbels nog met de hand werden afgeschreven) veel voorkomende afkorting voor ´IESUS´. Toen het Grieks minder bekend werd en mensen niet meer wisten waar de H voor stond, werd de combinatie IHS opgevat als een afkorting voor onder andere Jezus, Hominum Salvator (Jezus, de redder van de mensen). Die verklaring is niet juist, maar staat wel dicht bij de eigenlijke betekenis van Jezus´ naam: Jahwe is redding.
SCHIP: Er zijn heel wat verhalen in de bijbel, die zich op een schip afspelen. Zo zijn er de Ark van Noach, het vrachtschip van de profeet Jonas en de vissersboten, waarmee Jezus´ leerlingen het Meer van Galilea opvoeren. In deze en andere verhalen is steeds sprake van gevaar, en tevens van vertrouwen op God. Het woord ´schip´ kreeg daardoor de bij-betekenis van een gesloten ruimte, waarin gelovigen samen op weg zijn (denk aan het ‘middenschip’ in een kerkgebouw) of ook van de Kerk in haar geheel. Een voorbeeld van deze symboliek is te zien op bijgaand plaatje, dat het logo van de oecumenische beweging toont: rondom het woord Oikoumene (de christelijke kerken tezamen) en in het midden een schip met een mast in kruisvorm.
TWAALF: de twaalf stammen van Israël, de twaalf apostelen, de twaalf poorten van het nieuwe Jeruzalem. Toevallig? Niet helemaal. Twaalf duidt op voltooiing, totaliteit. Tijdens het laatste avondmaal [zie plaatje] waren de apostelen nog met zijn twaalven, maar toen Judas kort daarna een einde aan zijn leven maakte, bleven ze met zijn elven over en voelden ze dat als een onvolkomenheid. Nadat ook Jezus hen met Hemelvaart had verlaten, werd dat gevoel nog sterker en baden ze God om door het lot aan te wijzen, wie Judas´ opvolger moest worden. Dat werd Mattias en met hem werd de kring weer vol en kon de toegezegde komst van de Heilige Geest worden afgewacht.
WIT, ZILVER- OF GOUDWIT verwijst als liturgische kleur naar zuiverheid,
nieuw leven en hemelse heerlijkheid. In de bijbel wordt wit herhaaldelijk in verband
gebracht met Jezus. ´Zijn gezicht begon te stralen en zijn kleren werden blinkend
wit´, zo beschrijven de evangelisten de verandering die Jezus onderging,
toen hij zich met enkele van de leerlingen had teruggetrokken voor gebed. Ook in
verband met Pasen en Hemelvaart wordt wit genoemd. De kleur van deze en andere
Christus-feesten is dan ook wit. Daarnaast wordt wit gebruikt voor feestdagen van
Maria en andere heiligen (niet-martelaren). Ook wordt soms voor deze kleur gekozen
bij uitvaarten. In geval van nood kan wit (of brokaat) zelfs als vervanger optreden
voor al de drie andere liturgische kleuren: rood, groen en paars.
SYMBOLEN TOEGELICHT
Symbolen zijn - kort geformuleerd - tekenen die naar iets of iemand verwijzen. Zo maakt de kleur rood van een verkeerslicht ons duidelijk dat we moeten stoppen; en zo wijzen twee trouwringen aan de vinger van een vrouw of een man erop dat de echtgeno(o)te is overleden.
In het religieuze leven maken we veel gebruik van symbolen. Ons geloof is vaak beter in tekenen zichtbaar te maken dan in woorden. Wie een kruisteken slaat, bekrachtigt daarmee de geloofsbelijdenis. En wie een kaarsje opsteekt, toont daarmee aan vertrouwen te hebben in gebed.
Christelijke symbolen zijn verschillend van aard. Sommige zijn aan de bijbel ontleend, andere zijn van later tijd; sommige bestaan uit tastbare voorwerpen, andere zijn niet tastbaar; sommige zijn eenvoudig te begrijpen, andere zijn moeilijker. Echter, hoe verschillend ze ook zijn, ze hebben iets heel wezenlijks gemeenschappelijk: stuk voor stuk hebben ze een eigen diepere betekenis.
In de reeks 'Symbolen toegelicht' wordt vooral aandacht geschonken aan die diepere betekenis. Doel van de reeks is om het gevoel voor symbolen dat in onze tijd enigszins is afgezwakt, meer levend te maken. Dus lees en herlees en denk over het symbool na: pas dan gaat het je echt iets zeggen.